Test- en toetsmateriaal > Pedagogisch-didactisch onderzoek
[printen] 
Maak een keuze:
 
Gehanteerde termen
Deelvaardigheden van het aanvankelijk technisch lezen en spellen
Linguïstisch bewustzijn (elementaire vorm)
Linguïstisch bewustzijn (complexe vorm)
Automatiseren
Geheugen
Lezen
  • Technisch lezen op woordniveau

  • Technisch lezen op tekstniveau

  • Stillezen

Spelling
Rekenen

^ 
Gehanteerde termen:

  • Didactische Leeftijd (DL) = het aantal maanden onderwijs dat een leerling gehad heeft in een bepaald onderwijsleergebied.
  • Didactische Leeftijd Equivalent (DLE) = het niveau waarop een leerling uitkomt. Hierbij wordt uitgegaan van een schooljaar van 10 maanden. Een dle van 15 maanden betekent dat kinderen gemiddeld halverwege groep 4 deze score behalen.
  • Een standaard score kan variëren van 1 t/m 19, waarbij een score van 7-13 gemiddeld is.
  • Door middel van het leerrendement kan worden aangegeven hoeveel een kind vooruit is gegaan in een bepaalde periode. Dit wordt uitgedrukt in een percentage. 100% Is een gemiddelde vooruitgang.
  • Een niveau score kan variëren van een A- tot een E-niveau, waarbij A zeer goed is en E zeer zwak.

^ Deelvaardigheden van het aanvankelijk technisch lezen en spellen

Auditieve analyse:
 
Auditieve discriminatie:
Auditieve synthese:
 
Begrippen:
 
 
 
Klankpositie bepalen:
 
Letterdictee
Lettersbenoemen
Overschrijven
Visuele analyse
 
Visuele discriminatie
Visuele synthese I:
 
 
Visuele synthese II A en B:
Woorden nazeggen:
 
het opdelen van een woord tot losse klanken, bijv. aap wordt aa/p
het onderscheid horen tussen twee klanken
het samenvoegen van losse klanken tot een woord, bijv. b/oo/m wordt boom.
het kunnen hanteren van begrippen die te maken hebben met de leesrichting en die nodig zijn voor het volgen van instructies zoals: eerste, laatste, ervoor, erna, etc.
het kunnen aangeven van de positie van een klank in een woord.
het opschrijven van de letters
het op klank -fonetisch- benoemen van de letters
het foutloos kunnen overschrijven van woorden
het zien dat een woord uit verschillende letters bestaat
het kunnen herkennen van gelijke letters
wisselrijtjes van het type -ak, hak, tak. Het gaat hier om het in één keer lezen van de woorden, zonder te spellen.
wisselrijtjes van het type bril, brul, kist, nest etc.
auditief geheugen, het nazeggen van reeksen van twee, drie en vier losse woorden.

^ Linguïstisch bewustzijn (elementaire vorm)

Woordobjectivatie:
 
Analyse van samen- gestelde woorden:
Syllabische analyse:
 
Rijmen:
 
Auditieve synthese:
Omkeren van foneem- sequenties:
 
het begrip dat een zin uit verschillende woorden bestaat.
vragen als: ‘als ik van het woord ‘bloempot’ ‘bloem’ weglaat, wat blijft er dan over?’
vragen als: ‘in welke stukken kun je het woord winter hakken?’
het kunnen opnoemen van woorden die hetzelfde klinken.
het zogenaamde ‘plakken’ van klanken tot een woord.
er wordt gevraagd: ‘Nu het woordje ‘nuit’. Als ik de letters andersom zeg, welk woordje krijg je dan?’.
^ Linguïstisch bewustzijn (complexe vorm)

Auditieve synthese:
Klankweglating:
 
Klanksubstitutie:
 
Omkeren van foneem- sequenties:
Auditieve analyse:
het zogenaamde ‘plakken’ van klanken tot een woord.
vragen als: ‘als ik van het woordje ‘kom’ de ‘k’ weglaat, wat blijft er dan over?’.
vragen als: ‘als ik in het woordje ‘lief’ geen ‘l’ zeg, maar een ‘d’, wat krijg je dan?’.
er wordt gevraagd: ‘Nu het woordje ‘nuit’. Als ik de letters andersom zeg, welk woordje krijg je dan?’.
het ‘hakken’ van een woord in de individuele klanken.

^ Automatiseren

Snelheid van benoemen:
Hierbij gaat het om zo snel mogelijk benoemen van kleuren, cijfers, plaatjes, letters en eenlettergrepige woorden.

^ Geheugen

15-Woordentest
Hierbij worden 15 woorden voorgelezen (de woorden vormen geen logisch geheel). De leerling moet dan zoveel mogelijk woorden onthouden en opzeggen. Dit wordt 5 keer herhaald. Ongeveer een kwartier na de laatste opgave wordt nogmaals gevraagd hoeveel woorden de leerling nog weet (recall).

Namen leren (Rakit):
Hierbij wordt een beroep gedaan op het associatief geheugen.

Geheugenspan (Rakit):
Hierbij wordt een beroep gedaan op het visueel serieel geheugen.

Cijferreeksen (WISC-RN):
Hierbij wordt een beroep gedaan op het auditief serieel korte termijn geheugen

Substitutie (WISC-RN):
Hierbij wordt een beroep gedaan op het visueel korte termijn geheugen.

^ Lezen

Technisch lezen op woordniveau:

Eén-minuuttest (Brus)::
Het zo snel mogelijk lezen van woorden die oplopen in moeilijkheidgraad

Pseudowoordentest (Klepel):
Het zo snel mogelijk lezen van woorden die oplopen in moeilijkheidgraad

Drie Minuten Test (DMT)::
Het verklanken van losse woorden van uiteenlopende moeilijkheidsgraad.

Technisch lezen op tekstniveau:

AVI-kaarten:
Het lezen van teksten op verschillende niveaus, waarbij op basis van de benodigde tijd en het aantal gemaakte fouten bepaald kan worden of het leesniveau al dan niet beheerst wordt.

Stillezen:

Bodegraafse leestoets::
De BLT is een technische leesoefening waarbij stil gelezen wordt. Aan de hand van het woord dat onderstreept is naast elk plaatje (bijv. het plaatje van een hark, woorden mark, hark, harp) kan gecontroleerd worden of de woorden goed zijn gelezen.

^ Spelling:

PI-dictee::
Een spellingstoets waarmee de vaardigheid in het correct schrijven van losse woorden kan worden onderzocht.

Vrij schrijven::
Een korte stukje tekst, waarbij gelet wordt op de schrijf- en spellingsvaardigheden

^ Rekenen:

Utrechtse Getalbegrip Toets (UTG)::
Diagnostische toets voor groep 1 t/m 3.

Getalbegrip De Zuid-Vallei::
Diagnostische toets vanaf groep 3.

Maatwerk rekenen::
Instaptoets A en/of diagnostisch gesprek.

Bouwstenenonderzoek::
Diagnostische toets rekenen tot 100. Hierbij wordt het getalbegrip en het inzicht in hoeveelheden op speelse wijze in kaart gebracht.

Remelka::
Hierbij wordt het beheersingniveau wat betreft verhoudingen, breuken, procenten, kommagetallen in kaart gebracht.

DLE-test Hoofdrekenen::
Hierbij moeten binnen 5 minuten zoveel mogelijk sommen uit het hoofd gemaakt worden.

DLE-test Reken/wiskunde::
Dit is een genormeerde toets van in moeilijkheidsgraad oplopende sommen. De sommen worden begeleid door visuele ondersteuning.

Bredase Rekentoetsen::
Hierbij moeten zo vlot mogelijk, zoveel mogelijk sommetjes goed gemaakt worden. Het geautomatiseerd rekenen wordt zo in kaart gebracht.